Elegant kon je haar niet noemen. Ze leek meer op Gui Polspoel die net uit bed kwam dan op Lana del Rey met knalrode lippenstift en diepe decolleté. Maar ik hield van haar zoals ze was: stormachtig, ijzersterk, staalhard. Ze riep mij, ik huppelde naar haar toe, likte haar hielen. Mager was ze niet, maar haar blik was onweerstaanbaar.
Gods wegen lijken ondoorgrondelijk. Enkel de E40 ter hoogte van Erpe-Mere kent voor mij geen geheimen meer. Ik neem er elke dag de verkeerde afslag. Mijn grootmoeder die in de hemelen zijt lacht zich een nog grotere bult dan ze al had. Mijn grootvader weigert zijn mond open te doen, behalve als meneer pastoor met een hostie passeert.
Ik zit hier in mijn geblutste wagen. Het rechtervoorlicht is kapot. Hoe moet ik dat aan de garagist uitleggen? Voor hem is het waarschijnlijk links. Tenzij garagisten het perspectief van de bestuurder hanteren, zoals tandartsen dat van de patiënt. Ik heb mij al vaak afgevraagd wie op dat geniale idee is gekomen. Waarschijnlijk een Amerikaan of een Zweed.
Posts tonen met het label grootvader. Alle posts tonen
Posts tonen met het label grootvader. Alle posts tonen
vrijdag 14 november 2014
dinsdag 3 juni 2014
waterzuring
Prachtige dag vandaag, waterzuring bij de vleet. Ik haalde mijn mosterd bij de schipper naast Mathilde. Daarna liep ik het jaagpad af, tot een fabriek mijn weg versperde. Ik klom op de hoogste schoorsteen en overschouwde mijn vlakke land. Mijn maagdenland. Een sirene maakte duidelijk dat het schafttijd was.
Ik nam mijn boterhamdoos uit mijn knapzak en vervoegde mij bij de simpele arbeiders. Ze praatten over Barack Obama, Higgsdeeltjes en het groot dictee der Nederlandse taal. Ik zuchtte diep. Het was ver gekomen. Als zelfs hier niet over scheten, wijven en rugby gepraat werd. Ik at mijn boterhammen op en maakte mij pijlsnel uit de voeten.
De zon scheen, een merel zong. Ik stond stil bij het leven. Ik dacht aan korte rokjes, spaghettibandjes en bikinilijnen. Mijn grootvader zou mij geen ongelijk geven.
Ik nam mijn boterhamdoos uit mijn knapzak en vervoegde mij bij de simpele arbeiders. Ze praatten over Barack Obama, Higgsdeeltjes en het groot dictee der Nederlandse taal. Ik zuchtte diep. Het was ver gekomen. Als zelfs hier niet over scheten, wijven en rugby gepraat werd. Ik at mijn boterhammen op en maakte mij pijlsnel uit de voeten.
De zon scheen, een merel zong. Ik stond stil bij het leven. Ik dacht aan korte rokjes, spaghettibandjes en bikinilijnen. Mijn grootvader zou mij geen ongelijk geven.
maandag 16 april 2012
zeeman
Ik wacht op je. Al honderd jaar. Mijn mieren zijn allang dood. Ik gaf hen te eten en te drinken maar blijkbaar houden mieren niet van spruiten en koffie. In een vlaag van colère trapte ik hen allemaal zo plat als een vijg. Eén miertje liet ik leven. Hij stierf enkele weken later van eenzaamheid. Mijn verhaaltjes en kinderliedjes mochten niet baten.
Ik vond het erg, de dag dat hij stierf. Zijn begrafenis verliep heel sereen, bijna professioneel. Ik had mij dan ook goed voorbereid. De gasten waren tevreden, sommige huisvrouwen huilden. Ik hield mijn tranen tegen. Toon nooit je zwakheid, zei mijn grootvader telkens hij kermend van de pijn op de grond lag te rollen. Mijn grootmoeder was toen meestal een taart aan het bakken. Het mens dacht daarmee in de hemel te geraken.
Na de begrafenis liet ik een paar paarden vrij. Ze stonden al lang genoeg te grazen in die veel te kleine wei. Dolgelukkig galoppeerden ze uit het zicht. De horizon schrikte even op, maar keerde snel terug tot haar standaardvorm: een troosteloze streep met uitlaatgassen en overijverige lintbebouwing. Ik wachtte nog even. Op de kerktoren zaten zeventien kauwen. Ik hield van je, al honderd jaar.
Ik vond het erg, de dag dat hij stierf. Zijn begrafenis verliep heel sereen, bijna professioneel. Ik had mij dan ook goed voorbereid. De gasten waren tevreden, sommige huisvrouwen huilden. Ik hield mijn tranen tegen. Toon nooit je zwakheid, zei mijn grootvader telkens hij kermend van de pijn op de grond lag te rollen. Mijn grootmoeder was toen meestal een taart aan het bakken. Het mens dacht daarmee in de hemel te geraken.
Na de begrafenis liet ik een paar paarden vrij. Ze stonden al lang genoeg te grazen in die veel te kleine wei. Dolgelukkig galoppeerden ze uit het zicht. De horizon schrikte even op, maar keerde snel terug tot haar standaardvorm: een troosteloze streep met uitlaatgassen en overijverige lintbebouwing. Ik wachtte nog even. Op de kerktoren zaten zeventien kauwen. Ik hield van je, al honderd jaar.
dinsdag 13 september 2011
smekkend door het leven
Continuïteit is cruciaal, zei mijn grootvader elke zondag toen hij in het kruis van meneer pastoor schopte. Zijn stalen tippen kwamen goed van pas. Leve de vakbond, schreeuwde hij vervolgens in café De Gouden Appel. Mariette, ook wel het monster van Loch Ness genoemd, keek liefdevol op. Ze mocht dan wel scheel zijn als een otter, mannen als mijn grootvader konden haar alles vragen.
Mijn grootmoeder zweeg als vermoord toen ik mijn grootvader een half uur later met de kruiwagen naar huis bracht. Hij was strontzat en zong liedjes van Get Ready. Ik wist dat mijn grootmoeder een koekje gaf als ik hem op de composthoop dumpte, maar vandaag had ik er geen zin in. Ik dumpte hem in de kakbeek en vroeg een glas limonade.
Tegen het avondeten werd mijn grootvader meestal wakker. Hij zoende mijn grootmoeder vol op de mond, greep haar tussen de benen en samen gingen ze naar boven. Ik at dan braaf mijn boterhammen op. Als ik luid genoeg smekte hoorde ik hun hees gekreun niet.
Mijn grootmoeder zweeg als vermoord toen ik mijn grootvader een half uur later met de kruiwagen naar huis bracht. Hij was strontzat en zong liedjes van Get Ready. Ik wist dat mijn grootmoeder een koekje gaf als ik hem op de composthoop dumpte, maar vandaag had ik er geen zin in. Ik dumpte hem in de kakbeek en vroeg een glas limonade.
Tegen het avondeten werd mijn grootvader meestal wakker. Hij zoende mijn grootmoeder vol op de mond, greep haar tussen de benen en samen gingen ze naar boven. Ik at dan braaf mijn boterhammen op. Als ik luid genoeg smekte hoorde ik hun hees gekreun niet.
vrijdag 8 april 2011
achttien
Ik nam Jaak Pijpen bij de neus. Hij schreeuwde het uit en bedankte me vervolgens uitvoerig. Mijn missie was geslaagd, maar mijn boswandeling moest nog beginnen. Ik stapte het bos in en liet mij leiden door platgetreden paden. Hoog in de lucht zagen wolken dat het goed was.
Mijn grootvader, een edelman met tien geiten en een paard, maakte ooit komaf met het gepeupel in zijn dorp. De resterende bevolking, tien geiten en een paard, verafgoodde hem nog meer dan voordien. Toen hij ook nog een dreigbrief stuurde naar de koster van het naburige dorp, kon zijn dag niet meer stuk.
Mijn lot zal ooit uit de anonimiteit treden. Het zal opstaan en luidkeels declameren dat ik de eerstvolgende straat linksaf moet, peperdure gps en sterk ontwikkeld oriëntatiegevoel ten spijt. Het zal mij een onbekende weg insturen, langs kanalen en verlaten industriegebieden. Duiven en vossen zullen vluchten als ik nietsvermoedend een liedje van K3 neurie.
Mijn grootvader, een edelman met tien geiten en een paard, maakte ooit komaf met het gepeupel in zijn dorp. De resterende bevolking, tien geiten en een paard, verafgoodde hem nog meer dan voordien. Toen hij ook nog een dreigbrief stuurde naar de koster van het naburige dorp, kon zijn dag niet meer stuk.
Mijn lot zal ooit uit de anonimiteit treden. Het zal opstaan en luidkeels declameren dat ik de eerstvolgende straat linksaf moet, peperdure gps en sterk ontwikkeld oriëntatiegevoel ten spijt. Het zal mij een onbekende weg insturen, langs kanalen en verlaten industriegebieden. Duiven en vossen zullen vluchten als ik nietsvermoedend een liedje van K3 neurie.
zondag 31 oktober 2010
adebayor
Tom Waes kent geen fluit van wasknijpers, zei mijn grootvader net voor hij de pijp uitging. Het was een hete middag in Zwevezele en wespen vlogen af en aan. Wasknijpers, ging hij verder, bestaan in allerlei maten en gewichten. Die van de Aldi zijn rampzalig, na twee keer zijn ze kapot. Maar die van de Colruyt zijn ook niet echt dat, er zit veel te weinig spankracht op, waardoor iets zwaardere kledingstukken steevast op de grond vallen.
Ik blijf fan van de houten knijpers, ook al steken de plastieken varianten hen in kwaliteit voorbij, aldus mijn grootvader die ondertussen een éclair at. Ja, jongen, ik voel dagelijks een onweerstaanbare drang om éclairs te eten, zei hij elke keer toen ik bij hem op bezoek kwam. Mijn grootvader, de hansworst, zag niet in dat Citroën Berlingo's, Peugeot Partners en Renault Kangoo's gewoonweg krak dezelfde auto's waren. Met veel misbaar trok hij zijn ogen op en riep: Turken, dàt zijn pas keikoppen.
Ik voelde dat hij niet lang meer te leven had. Mijn handen trilden van angst en van de freesmachine waarmee ik zijn tuin omploegde. Spitten was voor jeanetten, zei mijn grootvader altijd. Hij huilde zelden, dat is correct. De enige traan die ik ooit bij hem heb zien vallen, was er eentje van verwaarloosbaar allooi.
Ik blijf fan van de houten knijpers, ook al steken de plastieken varianten hen in kwaliteit voorbij, aldus mijn grootvader die ondertussen een éclair at. Ja, jongen, ik voel dagelijks een onweerstaanbare drang om éclairs te eten, zei hij elke keer toen ik bij hem op bezoek kwam. Mijn grootvader, de hansworst, zag niet in dat Citroën Berlingo's, Peugeot Partners en Renault Kangoo's gewoonweg krak dezelfde auto's waren. Met veel misbaar trok hij zijn ogen op en riep: Turken, dàt zijn pas keikoppen.
Ik voelde dat hij niet lang meer te leven had. Mijn handen trilden van angst en van de freesmachine waarmee ik zijn tuin omploegde. Spitten was voor jeanetten, zei mijn grootvader altijd. Hij huilde zelden, dat is correct. De enige traan die ik ooit bij hem heb zien vallen, was er eentje van verwaarloosbaar allooi.
zondag 30 mei 2010
mikado
Vandaag voel ik mij nu eenmaal op en top man, zou mijn grootvader gezegd hebben. Hij zei het dan ook, elke dag opnieuw. Tot vervelens en slaande ruzie toe. Mijn grootvader was geen held, geen drugskoerier, geen drollendraaier. Ik hield van zijn geheime spaarpotten. Op een dag merkte hij dat er al minstens achthonderdduizend frank uit verdwenen was. Hij barstte in tranen uit en pleegde vervolgens zelfmoord.
Het verhaal van mijn leven is lang, dradig en eigenlijk één groot taboe. Mijn allerliefste tante was verslaafd aan drugskoeriers. Ze neukte ze allemaal plat, soms zelfs vijf op een uur, of vier tegelijkertijd. Ik keek dan stiekem door het sleutelgat van de buren, om toch maar pedagogisch verantwoorde taferelen te zien: mama, papa en twee kindjes die samen Monopoly speelden. Van dergelijk genot kon ik enkel dromen.
De goede verstaander leest tussen de regels en beseft dat mijn jeugd meer dan normaal verliep. Mijn grootvader pleegde geen zelfmoord en mijn tante neukte niemand plat, laat staan drugskoeriers. Nee, het was een afgrijselijk vrouwmens die zelfs geen blinde hond kon verleiden. En haar buren speelden nooit Monopoly met hun kinderen, enkel strippoker.
Het verhaal van mijn leven is lang, dradig en eigenlijk één groot taboe. Mijn allerliefste tante was verslaafd aan drugskoeriers. Ze neukte ze allemaal plat, soms zelfs vijf op een uur, of vier tegelijkertijd. Ik keek dan stiekem door het sleutelgat van de buren, om toch maar pedagogisch verantwoorde taferelen te zien: mama, papa en twee kindjes die samen Monopoly speelden. Van dergelijk genot kon ik enkel dromen.
De goede verstaander leest tussen de regels en beseft dat mijn jeugd meer dan normaal verliep. Mijn grootvader pleegde geen zelfmoord en mijn tante neukte niemand plat, laat staan drugskoeriers. Nee, het was een afgrijselijk vrouwmens die zelfs geen blinde hond kon verleiden. En haar buren speelden nooit Monopoly met hun kinderen, enkel strippoker.
woensdag 28 april 2010
schwung
Mijn dikste vrienden, 90 kg en meer, vragen vaak waar hun evenwicht ligt: in Monaco of in de moestuin. Na het vallen van mijn frank antwoord ik steevast: in twijfel. Hun verbaasde en in het beste geval woedende blik neem ik er graag bij. Ik ben een nemer; geef mij iets en ik neem het. Noem het egoïsme en ik sla in uw gezicht.
Eeuwige roem zal ik niet vergaren, maar wie weet zal ik ooit blijven nazinderen in het oosten van Oezbekistan. Oezbeekse tieners die posters met mijn kop erop in hun marginale kamertje ophangen, hun moeders die alleen al bij de gedachte aan mij natter worden dan hun versleten dweil, hun vaders die respectvol het hoofd buigen als mijn naam in het rokerige dorpscafé wordt genoemd. Wie weet, wie weet.
Wie weet word ik wel net zo een dikke papzak als mijn dikste vrienden. Zo'n luie schranser en begenadigd drinker. Zo'n pintjespakker die niet weet wat te doen met z'n leven, behalve nog een pintje bestellen. Zo'n lul die z'n eigen lul niet meer kan zien, laat staan gebruiken in een niet-sanitaire daad. De kans is klein, maar ze bestaat. Een mens moet realistisch zijn, zei mijn grootvader altijd.
Eeuwige roem zal ik niet vergaren, maar wie weet zal ik ooit blijven nazinderen in het oosten van Oezbekistan. Oezbeekse tieners die posters met mijn kop erop in hun marginale kamertje ophangen, hun moeders die alleen al bij de gedachte aan mij natter worden dan hun versleten dweil, hun vaders die respectvol het hoofd buigen als mijn naam in het rokerige dorpscafé wordt genoemd. Wie weet, wie weet.
Wie weet word ik wel net zo een dikke papzak als mijn dikste vrienden. Zo'n luie schranser en begenadigd drinker. Zo'n pintjespakker die niet weet wat te doen met z'n leven, behalve nog een pintje bestellen. Zo'n lul die z'n eigen lul niet meer kan zien, laat staan gebruiken in een niet-sanitaire daad. De kans is klein, maar ze bestaat. Een mens moet realistisch zijn, zei mijn grootvader altijd.
vrijdag 5 februari 2010
de bijzaak
Mijn grootvader, een man zonder complexen, hield zielsveel van de zoo. Hij maakte er elke dag een ochtendwandeling. Zijn lievelingsdieren waren de vrouwelijke opzichters. Bij het voederen van olifanten, nijlpaarden of otters keek mijn grootvader altijd naar de volslanke dames die deze taak op zich namen. Zo wist hij bijvoorbeeld dat 's woensdags om klokslag 9u45 de pinguïns verse vis kregen van zijn persoonlijke favoriet, Linda. Linda had blonde haren, scheve ogen en een gouden tand. Haar stem klonk als een bronstige buffel, hetgeen waarschijnlijk de reden was waarom haar mannelijke collega's haar heimelijk De Buffel noemden.
vrijdag 29 januari 2010
nostalgie
Waar is de tijd dat ik op een winterdag samen met mijn grootvader ging vissen en na een dag onderkoeld thuiskwam zonder vis? Waar is de tijd dat Evert mij elke ochtend op weg naar school voetjelapte en in de modder duwde? Waar is de tijd dat mijn homo-buurman mij met een veelbetekenende knipoog uitnodigde om samen potten te bakken? Waar is de tijd dat ik niet durfde voorover buigen uit angst voor een onverwachte anale aanval van diezelfde buurman? Ach, waar is de tijd? 't Waren mooie jaren vol verdriet, pijn, haat en zure melk. Ik vond het verschrikkelijk toen ik werd opgenomen in het psychiatrisch ziekenhuis van Zwevezele. Mijn veilige omgeving maakte plaats voor een bende zotten met trauma's allerhande. Ik zat daar als enige normale jongen; het was niet te harden. Ik werd uitgelachen, bespuugd en vervolgens jarenlang genegeerd. Sommige verplegers hadden gelukkig wel medelijden: ze aaiden mij en kropen 's nachts stiekem in mijn bed. Ik moest dan zwijgen, want anders vloog ik in de isoleercel. Ach, de isoleercel! Hoeveel dagen heb ik daar gespendeerd? Eenzaam, verlaten, uitgehongerd. Ja, ik had een heerlijke jeugd. Waar is de tijd toch gebleven?
zondag 6 december 2009
de clash
Op een zomerse winterdag dacht Evert aan het leven. Hij smeerde mosterd op zijn boterham met choco en keek door het raam naar de knotwilgen die dringend geknot moesten worden. Zijn grootvader kwam binnen en verloste hem uit zijn gedachten. 'Waar is de tijd gebleven?' vroeg hij aan Evert. 'Bedoel je De Standaard?' antwoordde Evert. 'Nee, ellendeling, de tijd dat Walter Capiau nog liefde bedreef.' Evert dronk zijn koffie op en verliet de keuken. In de living zat Jezus naar de borsten van Martine Tanghe te staren.
zondag 25 oktober 2009
onderwaardering ten top
Niet dat iemand het wat kon schelen, maar ik zocht gisteren het graf van mijn grootvader op. Mijn grootvader, moet je weten, was een gerespecteerde cafébaas. Zijn café aan het Sint-Pietersstation trok de meest vrijgevige zatlappen aan. Pendelaars dronken zich voor en na het werk moed in. Buurtbewoners keken liever in het café van mijn grootvader naar de voetbal dan thuis bij hun vrouw, kinderen en bedlegerige ouders.
In de jaren zestig en zeventig was zijn café het meest succesvolle van de hele stationsbuurt. Zelfs de Gentse schepen van cultuur was bijna dagelijks in zijn etablissement te vinden, vaak languit op de grond. Het was een publiek geheim dat de schepen een alcoholprobleem had. Sommigen fluisterden zelfs dat hij er verschillende maîtresses op nahield. Anderen lachten dan weer dat hij op amoureus vlak niets meer kon presteren. Zijn vrouw was echter de dupe van het hele verhaal: zij vereenzaamde met de dag. Uiteindelijk stierf ze in de sofa met haar keffertje in de armen.
Mijn grootvader was geen groot man. Hij was evenmin bescheiden. Als je hem mocht geloven waren alle wetten, regels en radioprogramma's op zijn ideeën gebaseerd. Ja, het gebeurde wel vaker dat hij slaags geraakte met andere misplaatste ego's in het café. Nu liggen ze allemaal op het kerkhof, de ene al wat gecremeerder dan de andere.
In de jaren zestig en zeventig was zijn café het meest succesvolle van de hele stationsbuurt. Zelfs de Gentse schepen van cultuur was bijna dagelijks in zijn etablissement te vinden, vaak languit op de grond. Het was een publiek geheim dat de schepen een alcoholprobleem had. Sommigen fluisterden zelfs dat hij er verschillende maîtresses op nahield. Anderen lachten dan weer dat hij op amoureus vlak niets meer kon presteren. Zijn vrouw was echter de dupe van het hele verhaal: zij vereenzaamde met de dag. Uiteindelijk stierf ze in de sofa met haar keffertje in de armen.
Mijn grootvader was geen groot man. Hij was evenmin bescheiden. Als je hem mocht geloven waren alle wetten, regels en radioprogramma's op zijn ideeën gebaseerd. Ja, het gebeurde wel vaker dat hij slaags geraakte met andere misplaatste ego's in het café. Nu liggen ze allemaal op het kerkhof, de ene al wat gecremeerder dan de andere.
vrijdag 11 september 2009
la mbada
Wie vaker stilstond dan voortdeed was zonder twijfel mijn grootvader. Hij deed werkelijk niets aan het gat in de ozonlaag. Bovendien snoeide hij de haag verschrikkelijk slordig. Telkens ik bij hem kwam moest ik mij inhouden om niet over zijn slordige haag te beginnen. Op den duur ging ik nooit meer bij hem op bezoek. Het hielp wel dat hij ondertussen overleden was. Mijn grootmoeder bleef eenzaam achter. Enkel de melkboer gaf haar soms een knipoog, al was hij aan de blinde kant. Op een dag liep de kat de straat over. Er passeerde net geen auto, dus het beest had geluk. Mijn grootmoeder huilde van opluchting. Ze had net de zakdoeken gestreken, dus ook dat kwam goed uit. Ze nam een zakdoek en droogde haar tranen. De televisie stond nog aan. De buurvrouw riep door de brievenbus dat het mooi weer was voor de tijd van het jaar.
zaterdag 20 juni 2009
wacko libido
Ik vroeg hem voor de zoveelste keer om de waarheid te spreken, maar geen haan die ernaar kraaide. Mijn grootmoeder keek liefdevol naar de hangklok. Het tikte elke halve seconde. Mijn grootvader zweeg als vermoord. Hij wilde niets lossen over zijn verleden als vuilnisman. Het was alsof hij zich schaamde. De kat van de buren keek door het raam naar binnen. Het tafereel dat ze voor zich zag had ze waarschijnlijk al honderd keer gezien. Ik zette de radio op off. Daarna fietste ik naar huis. Onderweg kwam ik Martha tegen, de dochter van de BV van het dorp. Op warme zomerdagen droeg ze zelden een bh. Helaas was het vandaag kil en winderig.
maandag 30 maart 2009
op wandelafstand van de makro
Hoe het ook zij, mijn grootouders woonden in Gent. Ze hadden een café aan het Sint-Pietersstation. Zatlappen stapten van de trein en stuikten hun café binnen. Ze bestelden een pint en vielen in slaap. Mijn grootmoeder veegde ze kordaat buiten en snoot haar neus. Mijn grootvader keek haar liefdevol aan en zette een whiskyglas in de kast. Mijn vader vroeg aan mijn grootvader hoe lang het duurde vooraleer hij de meisjes mocht kussen. De hond van de buren hijgde van zwaarlijvigheid en kakte op het trottoir. Een zatte klant gleed uit over de hondendrol. Mijn vader en zijn broers hadden de tijd van hun leven.
vrijdag 6 februari 2009
doorweekt
Ik hielp mijn grootvader de trap op. Hij liet een scheet. Ik moest mijn lach inhouden. Scheten vond ik grappig. 't Was wel een stinkende scheet. Mijn grootvader sprak de wijze woorden: 'Walter Capiau is een grote meneer, mijn kleinzoon.' Ik stopte met lachen. Ik kon veel verdragen, maar dat ging toch te ver. 'Grootvader, ik kan veel verdragen, maar dat gaat toch te ver,' zei ik dan ook met vastberaden stem. Maar doof als hij was, hoorde mijn grootvader mij niet. Ondertussen waren we wel boven. Wat we hier precies gingen doen, wisten we allebei niet meer. Dus gingen we maar weer naar beneden. Mijn grootvader mompelde iets in de trant van: 'Zaki, dat is pas een lelijke zeikerd.' Ik knikte instemmend.
vrijdag 19 september 2008
een mottig ventje
Een mottig ventje herken je aan zijn voetbalschoenen, zei mijn grootvader altijd. Ik hield zodanig van mijn grootvader dat ik elke week zijn spaarpot leegroofde. Hij vond dat niet erg, zei mijn grootmoeder dan. Ik hield wel van mijn grootmoeder. Het was een kranige oude zatlap. Ze dronk een bak Pale Ale per dag. Ik keek daar enorm naar op. Elke vrijdag was het visdag, maar wij aten boterhammen met hoofdvlees. God wil het zo, zei mijn grootvader autoritair. Ik respecteerde hem met heel mijn hart en ziel, maar na dergelijke uitspraken schopte ik toch meestal recht in zijn aangezicht. Ja, ik was een rebelse jongen.
zaterdag 28 juni 2008
een citaat
Mijn grootvader zei op een dag: "Mijn vader zei altijd: 'Mensen citeren is het stomste dat men kan doen,' en ik geef hem groot gelijk!"
zondag 1 juni 2008
een wilde sessie
Ik zag je kijken naar mijn schoenen.
Ik vroeg: 'Vind je ze niet mooi, misschien?'
Je antwoordde: 'Jawel, maar er klopt iets niet.'
En zo leerden we elkaar kennen. Een paar uur later deed ik mijn schoenen uit, en jij de jouwe. Ik deed je kleren uit, en jij de mijne. We doken in bed, heel discreet en voorzichtig. We begonnen aan elkaar te frunniken en enkele minuten later waren we nogal wild aan het rampetampen.
Volledig uitgeput lagen we in elkaars armen. Ik had wel zin in een whisky-cola, maar er was geen whisky in huis, noch cola. Jij had zin in nog een wilde sessie, maar ik kon echt niet meer. 'Ik ben ook maar een man, hé' zuchtte ik verontschuldigend, en ik kroop onder de douche.
'Ja, je bent maar een man,' zei je lichtjes gefrustreerd. Maar ik stond al onder de douche dus ik hoorde je niet. Gelukkig maar, anders had mijn ego weer een deuk gekregen. En dat is toch iets wat een man zoveel mogelijk moet vermijden, zei mijn grootvader altijd.
Ik vroeg: 'Vind je ze niet mooi, misschien?'
Je antwoordde: 'Jawel, maar er klopt iets niet.'
En zo leerden we elkaar kennen. Een paar uur later deed ik mijn schoenen uit, en jij de jouwe. Ik deed je kleren uit, en jij de mijne. We doken in bed, heel discreet en voorzichtig. We begonnen aan elkaar te frunniken en enkele minuten later waren we nogal wild aan het rampetampen.
Volledig uitgeput lagen we in elkaars armen. Ik had wel zin in een whisky-cola, maar er was geen whisky in huis, noch cola. Jij had zin in nog een wilde sessie, maar ik kon echt niet meer. 'Ik ben ook maar een man, hé' zuchtte ik verontschuldigend, en ik kroop onder de douche.
'Ja, je bent maar een man,' zei je lichtjes gefrustreerd. Maar ik stond al onder de douche dus ik hoorde je niet. Gelukkig maar, anders had mijn ego weer een deuk gekregen. En dat is toch iets wat een man zoveel mogelijk moet vermijden, zei mijn grootvader altijd.
donderdag 1 mei 2008
ik wist het wel
Af en toe passeren joggers voor mijn raam. Ik sla ze gade, lach binnensmonds, trek aan mijn sigaret en kijk verder naar tv.
Ik ben geen leeg persoon: ik hou van tapijten, tapuiten, flapuiten, flaporen en disco. Ik kan heel lang nadenken over een bepaald probleem. Ik speel graag scrabble.
Vaak denken mensen maar aan één ding: zichzelf.
Ik ben ook een mens en adem dus in en uit. Dat gebeurt vanzelf.
Helemaal naakt sta je toch maar in je blootje, zei mijn grootvader soms in zijn slaap. Hij hield van sla.
Ik ben geen leeg persoon: ik hou van tapijten, tapuiten, flapuiten, flaporen en disco. Ik kan heel lang nadenken over een bepaald probleem. Ik speel graag scrabble.
Vaak denken mensen maar aan één ding: zichzelf.
Ik ben ook een mens en adem dus in en uit. Dat gebeurt vanzelf.
Helemaal naakt sta je toch maar in je blootje, zei mijn grootvader soms in zijn slaap. Hij hield van sla.
Abonneren op:
Posts (Atom)